lles Brandt, Niets Blijft: Het Sintelselvuur van Syntheusium Verslindt de Werelden
Sinds stardate 4422.227 overspoelt een infernale golf van energetische vuren het hele Syntheusium-stelsel. Niets is veilig, niemand ontsnapt. Zelfs de archieven branden. Is dit het einde, of slechts de grote schoonmaak voor het volgende rampseizoen?
Stardate 4422.227 markeert het begin van wat gerust de apotheose van catastrofe genoemd mag worden. Het Sintelselvuur van Syntheusium, ooit een dystopische fabel voor bureaucratische slapelozen, raast met ongeëvenaarde woede over de continentale scherven van Syntheusium. Van de mechanische fabriekswoestenijen van Aletheia tot de labyrintische tuinen van Gastropolis, alles vlamt, alles vervliegt. Zelfs de stoïcijnse Raad van IJzeren Denkers is gesmolten tot een rookpluim van statistieken.
In de groendomeinen van Pinetum Vaporis vielen vuurstormen zonder uitnodiging binnen. Fraxilis Veldrand werd weggepeld als verbrand behang; zes rookvogels en twee pogingen tot nablussen ten spijt, gingen 600 hectare synthpine in vlammen op. 550 bewoners evacueerden ijlings, vaak met alleen hun favoriete schrobmos of ironisch getinte spaarkaart in de hand. Pogingen van lokale rookregisseurs om de vlammen te temmen eindigden in chaotische dansjes onder veel te kleine hitteparasols.
Maar het vuur is onverzadigbaar. Het sprong, geleid door een frivole wind, over naar United Albion en spreidde zich van Mistfold Meridian tot Valgoryn Clustervale. In Glasmozaïek-Boon (voorheen een toonbeeld van fragiele elegantie) veranderde één vonk 19 woningen in een gitzwart mozaïek, terwijl driehonderd burgers in haastig gestikte aluminium dekentjes de evacuatieweide bevolkten. Ferroschede Nexus, het tot voor kort zo onverstoorbare zenuwcentrum van de Westelijke Metaalringen, bleek niet meer dan een goed gepoetste aanstekerlade te zijn.
De Orakel van Crysmafon verspreidde apocalyptische bulletins vanuit Crownmesh; Miraut Magistrion van Metroplex Grater Manastrat zuchtte dat de samenleving op "explosieve waakvlam" balanceerde. Brandstapels van verboden hout klonken verleidelijk in het protocol, maar werden onmiddellijk tot ketterij verklaard.
Diep in de Vallei der Gelaagde Herinneringen, in het Corteel der Prismatische Glooiingen, werd de Rotskloof van Echo’s Herberg ontruimd. Monniken en archivisten sjouwden haastig met de stoffelijke resten van oude koningen en verzuurde liturgiekledij, vlak voordat de gloeiende rivier hun verleden in as veranderde. Meer dan duizend inwoners verdwenen als schaduwen in de nacht, achtergelaten met herinneringen die brozer bleken dan hun evacuatiekoffers.
Ten slotte sleurde de brandgolf zich verwoestend voort richting Kustbarrière Vastral en Kiezelhoek Rakat, waar zelfs de granieten kliffen moesten wijken. Doden en gewonden zijn intussen zo talrijk dat de lokale archieven er gaten van krijgen. Harde cijfers worden spontaan weggeflambeeërd. Terwijl de brandperioden zich stapelen, klampen functionarissen zich vast aan watervulpennen en onleesbare protocollen. De angst dat het universum straks enkel nog uit rook en collectief geheugenverlies bestaat, lijkt niet eens vergezocht.